Details
Objectnummer19581
BeschrijvingArchief van Gerard Schuurman (Amsterdam, 12 januari 1917 – Wassenaar, 2 oktober 1942). Verzetsdeelnemer.
De uit Amsterdam afkomstige Gerard Schuurman was de zoon van Gerard Schuurman (1891-1957) en Antonia Hendrika Schuurman-kulcker (1888-1976), en oudere broer van Anna en Alberta Schuurman. Tijdens de eerste bezettingsjaren was Schuurman woonachtig bij zijn ouders op de Van Beuningenstraat 45-III te Amsterdam, en werkzaam bij de Nederlandse Spoorwegen als wagenlichter. Schuurman was lid van de door de bezetter verboden Communistische Partij van Nederland (CPN), waarvoor hij de illegale krant “De Waarheid” verspreide. Hiervoor werd hij op 5 mei 1942 gearresteerd, en achtereenvolgens gevangengezet in Amsterdam, Kamp Vught, en ten slotte in de gevangenis van Scheveningen (‘Oranjehotel’). Vanuit de gevangenis in Scheveningen schreef Schuurman smokkelbriefjes aan zijn familie. Deze briefjes werden via de vuile en schone was die door zijn zus, Alberta, werd opgehaald en gebracht. In de briefjes schreef Schuurman hoofdzakelijk over het eten en leven en de omstandigheden in de gevangenis van Scheveningen. Op 5 september 1942 werd Schuurman samen met nog drie andere verzetsmannen: Franciscus Adolf Kolder (1904-1942), Klaas den Braven (1918-1942), en Leendert Roodenburg (1919-1942) door het Deutsche Obergericht in Utrecht ter dood veroordeeld. Een gratieverzoek werd afgewezen. Op 2 oktober 1942 werd Gerard Schuurman samen met Kolder, Den Braven en Roodenburg, op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd. Zie ook VMA 19582 voor foto's van en met betrekking tot Gerard Schuurman.
Het archief bestaat uit smokkelbriefjes geschreven door Gerard Schuurman ten tijden van zijn gevangenschap in de gevangenis van Scheveningen (‘Oranjehotel’), en Schuurman zijn afscheidsbrief.
De uit Amsterdam afkomstige Gerard Schuurman was de zoon van Gerard Schuurman (1891-1957) en Antonia Hendrika Schuurman-kulcker (1888-1976), en oudere broer van Anna en Alberta Schuurman. Tijdens de eerste bezettingsjaren was Schuurman woonachtig bij zijn ouders op de Van Beuningenstraat 45-III te Amsterdam, en werkzaam bij de Nederlandse Spoorwegen als wagenlichter. Schuurman was lid van de door de bezetter verboden Communistische Partij van Nederland (CPN), waarvoor hij de illegale krant “De Waarheid” verspreide. Hiervoor werd hij op 5 mei 1942 gearresteerd, en achtereenvolgens gevangengezet in Amsterdam, Kamp Vught, en ten slotte in de gevangenis van Scheveningen (‘Oranjehotel’). Vanuit de gevangenis in Scheveningen schreef Schuurman smokkelbriefjes aan zijn familie. Deze briefjes werden via de vuile en schone was die door zijn zus, Alberta, werd opgehaald en gebracht. In de briefjes schreef Schuurman hoofdzakelijk over het eten en leven en de omstandigheden in de gevangenis van Scheveningen. Op 5 september 1942 werd Schuurman samen met nog drie andere verzetsmannen: Franciscus Adolf Kolder (1904-1942), Klaas den Braven (1918-1942), en Leendert Roodenburg (1919-1942) door het Deutsche Obergericht in Utrecht ter dood veroordeeld. Een gratieverzoek werd afgewezen. Op 2 oktober 1942 werd Gerard Schuurman samen met Kolder, Den Braven en Roodenburg, op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd. Zie ook VMA 19582 voor foto's van en met betrekking tot Gerard Schuurman.
Het archief bestaat uit smokkelbriefjes geschreven door Gerard Schuurman ten tijden van zijn gevangenschap in de gevangenis van Scheveningen (‘Oranjehotel’), en Schuurman zijn afscheidsbrief.
TrefwoordSCHUURMAN, G.; SCHUURMAN-KULCKER, A.H.; SCHUURMAN, A.; KOLDER, F.A.; BRAVEN, K. DEN; ROODENBURG, L.; EGODOCUMENTEN; BEDRIJF, NS; CPN; PERS, ILLEGAAL, DE WAARHEID; GEVANGENIS; CONCENTRATIEKAMP, VUGHT; GEVANGENIS, SCHEVENINGEN; RECHTSVERVOLGING, DOOR BEZETTER; SMOKKEL; AMSTERDAM; WASSENAAR
ObjectcategorieCollectie Schuurman
InventarisMap:
Smokkelbriefjes en delen van smokkelbriefjes, en afscheidsbrief geschreven door Gerard Schuurman vanuit de gevangenis in Scheveningen (‘Oranjehotel’):
-Incompleet smokkelbriefje geschreven op 7 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en genummerd van 5 tot en met 11. In het briefje schrijft Schuurman onder andere over het minder en slechter wordende eten in de gevangenis van Scheveningen (Oranjehotel), maar merkt op dat ze het in de kampen minder hebben: ‘…dus laten we hier tevreden zijn’. Hij verwacht dat de oorlog niet lang meer zal duren, en denkt met Sint Nicolaas of de kerst wel weer thuis te zijn. Ook schrijft Schuurman dat het al 1 augustus [1942] is en dat de tijd opschiet.
-Smokkelbriefje geschreven op 4 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en met Romeinse cijfers genummerd van I tot en met IV. In het briefje schrijft Gerard Schuurman onder andere dat hij de ‘volle vloeitjes’ [smokkelbriefjes in de schone was aan hem gestuurd] heeft ontvangen, maar dat de vloeitjes in de linkermouw zijn gevonden. Hij schrijft over een persoon die zich in de gevangenis bevind die bij zijn familie aan de deur zou komen. Schuurman schrijft dat hij met hem kan afspreken maar het niet doet omdat voor hij het krijgt de helft ‘er af is’ [heeft waarschijnlijk betrekking op het binnensmokkelen van een pakje levensmiddelen]. Schuurman vraagt zijn familie hem op de hoogte te houden over wat ze ‘kunnen doen’ omdat in de gevangenis alles stil wordt gehouden. Ook geeft hij aan ‘het stuk krant’ te hebben gevonden met daarin berichtgeving dat ‘waar wij’ [de geallieerden] oprukken ze in de val lopen. Volgens Schuurman betreft het opgeblazen berichten die men inmiddels gewend is. Ook schrijft Schuurman over ene ‘Van de Wetering ‘ die op vrijdag zal gaan horen of hij wordt veroordeeld ‘voor wat dan ook’.
-Smokkelbriefje geschreven op 6 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en genummerd van 1 tot en met 6. In het briefje doet Gerard Schuurman iedereen de hartelijke groeten, en feliciteert hij zijn vader met diens verjaardag op donderdag 13 augustus. Ook dat hij ‘geprobeerd heeft voor een pakje’, maar: ‘Hij raad het me af maar niet te doen daar hij wel haast niet doorheen kan krijgen’ [betreft waarschijnlijk iemand van binnen de gevangenis die pakjes binnensmokkelt]. Schuurman schrijft dat de Duitsers de laatste weken erg veel scharrelen en dat de familie daarom maar niets moet sturen. Ook schrijft hij dat hij woensdag 5 en ‘zaterdag dus vandaag 8 augustus’ heeft gelucht. Hij heeft de potloodjes ontvangen, en vraagt voor het verzenden van potloodjes om deze in een tube tandpasta te doen. Schuurman refereert aan een (onbekend) persoon die haast gelijk met hem is gepakt, in Utrecht vast zit, veroordeeld is maar in november vrij komt: ‘die boft met zo’n klein strafje’. Hij denkt zelf het gericht niet te ontlopen en beschouwd zijn eigen situatie. Ook schrijft Schuurman dat er voor de kust van Zandvoort een Britse kruiser is gezien die door de Duitsers is beschoten. [Scheveningen, dd. 8-8-1942].
-Incompleet smokkelbriefje geschreven op 5 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en met Romeinse cijfers genummerd van II tot en met VI. In het briefje geeft Schuurman een beschrijving van hoe hij zijn dagen in de gevangenis doorbrengt, en geeft hij een beschrijving van het menu en de kwaliteit van het eten. Hij eindigt met dat zijn familie zich geen zorgen moet maken over het eten, wenst hun het beste en brengt zijn felicitaties aan zijn vader over [waarschijnlijk voor diens verjaardag donderdag 13 augustus 1942].
-Incompleet smokkelbriefje geschreven op 4 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en met Romeinse cijfers genummerd van IV tot en met VI, en 1 vloeitje genummerd IX. In het briefje schrijft Schuurman dat hij zich voorhoud om met Sint-Nicolaas weer thuis te zijn. Ook schrijft hij over ‘de oude Wetering’, die vermoedelijk naar Amersfoort is [concentratiekamp Amersfoort], en nog niet naar Duitsland. Ook dat de oude Wetering niet is veroordeeld maar geïnterneerd en na de oorlog vrij zal worden gelaten. De oude Wetering wordt alleen vastgehouden en is met nog geen vinger aangeraakt. Schuurman is daarentegen in de eerste week 11 maal bewusteloos is geslagen omdat hij niet wilde spreken. Hij schrijft dat hij geen woord heeft losgelaten en zich dus niet hoeft te schamen als hij weer thuiskomt.
-Handgeschreven afscheidsbrief van Gerard Schuurman, gericht aan zijn ouders en zussen, geschreven op de dag van zijn executie. Schuurman schrijft dat hij afscheid moet nemen omdat zijn gratieverzoek is afgewezen. Hij schrijft: ‘Ik heb de foto van ons voor mij en zie ik u nog voor het laatst (De foto van uw 25 jaar trouwen)’. Ook richt hij zich tot ‘Hannes’, zijn zwager, om goed voor zijn vrouw (zus van Schuurman) en hun dochtertje (Jettie) te zijn. Hij had Jettie graag nog een keer willen zien. Schuurman refereert nogmaals aan de foto: ‘Ik kijk nog eens op de foto, zie ons compleet er op staan; maar ik zal tusschen u midden weg worden genomen’. Schuurman eindigt de brief met de hartelijke groeten aan familie en vrienden. Afsluitend: ‘Nu de Hartelijke Groeten van Gerard Schuurman’. Scheveningen, dd. 2-10-1942.
-Naoorlogse geadresseerde envelop met begeleidendschrijven inzake toezending afscheidsbrief.
Smokkelbriefjes en delen van smokkelbriefjes, en afscheidsbrief geschreven door Gerard Schuurman vanuit de gevangenis in Scheveningen (‘Oranjehotel’):
-Incompleet smokkelbriefje geschreven op 7 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en genummerd van 5 tot en met 11. In het briefje schrijft Schuurman onder andere over het minder en slechter wordende eten in de gevangenis van Scheveningen (Oranjehotel), maar merkt op dat ze het in de kampen minder hebben: ‘…dus laten we hier tevreden zijn’. Hij verwacht dat de oorlog niet lang meer zal duren, en denkt met Sint Nicolaas of de kerst wel weer thuis te zijn. Ook schrijft Schuurman dat het al 1 augustus [1942] is en dat de tijd opschiet.
-Smokkelbriefje geschreven op 4 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en met Romeinse cijfers genummerd van I tot en met IV. In het briefje schrijft Gerard Schuurman onder andere dat hij de ‘volle vloeitjes’ [smokkelbriefjes in de schone was aan hem gestuurd] heeft ontvangen, maar dat de vloeitjes in de linkermouw zijn gevonden. Hij schrijft over een persoon die zich in de gevangenis bevind die bij zijn familie aan de deur zou komen. Schuurman schrijft dat hij met hem kan afspreken maar het niet doet omdat voor hij het krijgt de helft ‘er af is’ [heeft waarschijnlijk betrekking op het binnensmokkelen van een pakje levensmiddelen]. Schuurman vraagt zijn familie hem op de hoogte te houden over wat ze ‘kunnen doen’ omdat in de gevangenis alles stil wordt gehouden. Ook geeft hij aan ‘het stuk krant’ te hebben gevonden met daarin berichtgeving dat ‘waar wij’ [de geallieerden] oprukken ze in de val lopen. Volgens Schuurman betreft het opgeblazen berichten die men inmiddels gewend is. Ook schrijft Schuurman over ene ‘Van de Wetering ‘ die op vrijdag zal gaan horen of hij wordt veroordeeld ‘voor wat dan ook’.
-Smokkelbriefje geschreven op 6 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en genummerd van 1 tot en met 6. In het briefje doet Gerard Schuurman iedereen de hartelijke groeten, en feliciteert hij zijn vader met diens verjaardag op donderdag 13 augustus. Ook dat hij ‘geprobeerd heeft voor een pakje’, maar: ‘Hij raad het me af maar niet te doen daar hij wel haast niet doorheen kan krijgen’ [betreft waarschijnlijk iemand van binnen de gevangenis die pakjes binnensmokkelt]. Schuurman schrijft dat de Duitsers de laatste weken erg veel scharrelen en dat de familie daarom maar niets moet sturen. Ook schrijft hij dat hij woensdag 5 en ‘zaterdag dus vandaag 8 augustus’ heeft gelucht. Hij heeft de potloodjes ontvangen, en vraagt voor het verzenden van potloodjes om deze in een tube tandpasta te doen. Schuurman refereert aan een (onbekend) persoon die haast gelijk met hem is gepakt, in Utrecht vast zit, veroordeeld is maar in november vrij komt: ‘die boft met zo’n klein strafje’. Hij denkt zelf het gericht niet te ontlopen en beschouwd zijn eigen situatie. Ook schrijft Schuurman dat er voor de kust van Zandvoort een Britse kruiser is gezien die door de Duitsers is beschoten. [Scheveningen, dd. 8-8-1942].
-Incompleet smokkelbriefje geschreven op 5 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en met Romeinse cijfers genummerd van II tot en met VI. In het briefje geeft Schuurman een beschrijving van hoe hij zijn dagen in de gevangenis doorbrengt, en geeft hij een beschrijving van het menu en de kwaliteit van het eten. Hij eindigt met dat zijn familie zich geen zorgen moet maken over het eten, wenst hun het beste en brengt zijn felicitaties aan zijn vader over [waarschijnlijk voor diens verjaardag donderdag 13 augustus 1942].
-Incompleet smokkelbriefje geschreven op 4 sigarettenvloeitjes. De vloeitjes zijn dubbelzijdig beschreven en met Romeinse cijfers genummerd van IV tot en met VI, en 1 vloeitje genummerd IX. In het briefje schrijft Schuurman dat hij zich voorhoud om met Sint-Nicolaas weer thuis te zijn. Ook schrijft hij over ‘de oude Wetering’, die vermoedelijk naar Amersfoort is [concentratiekamp Amersfoort], en nog niet naar Duitsland. Ook dat de oude Wetering niet is veroordeeld maar geïnterneerd en na de oorlog vrij zal worden gelaten. De oude Wetering wordt alleen vastgehouden en is met nog geen vinger aangeraakt. Schuurman is daarentegen in de eerste week 11 maal bewusteloos is geslagen omdat hij niet wilde spreken. Hij schrijft dat hij geen woord heeft losgelaten en zich dus niet hoeft te schamen als hij weer thuiskomt.
-Handgeschreven afscheidsbrief van Gerard Schuurman, gericht aan zijn ouders en zussen, geschreven op de dag van zijn executie. Schuurman schrijft dat hij afscheid moet nemen omdat zijn gratieverzoek is afgewezen. Hij schrijft: ‘Ik heb de foto van ons voor mij en zie ik u nog voor het laatst (De foto van uw 25 jaar trouwen)’. Ook richt hij zich tot ‘Hannes’, zijn zwager, om goed voor zijn vrouw (zus van Schuurman) en hun dochtertje (Jettie) te zijn. Hij had Jettie graag nog een keer willen zien. Schuurman refereert nogmaals aan de foto: ‘Ik kijk nog eens op de foto, zie ons compleet er op staan; maar ik zal tusschen u midden weg worden genomen’. Schuurman eindigt de brief met de hartelijke groeten aan familie en vrienden. Afsluitend: ‘Nu de Hartelijke Groeten van Gerard Schuurman’. Scheveningen, dd. 2-10-1942.
-Naoorlogse geadresseerde envelop met begeleidendschrijven inzake toezending afscheidsbrief.